Home WoontipsHoutkachel stoken: zo doe je het goed en veilig

Houtkachel stoken: zo doe je het goed en veilig

by Fleur

Een houtkachel stoken doe je het meest efficiënt door droog hout te gebruiken, voldoende lucht toe te voeren en de kachel goed op te warmen voordat je hem laat doorbranden. Klinkt simpel, maar in de praktijk gaan er regelmatig dingen mis: te nat hout, te weinig trek of een slecht gestookte vlam. Dat levert niet alleen minder warmte op, maar ook meer rook, meer roet en meer luchtvervuiling in de buurt.

Droog hout is de belangrijkste voorwaarde

Het vochtgehalte van je hout bepaalt voor een groot deel hoe schoon en warm je vuur brandt. Hout met een vochtgehalte boven de 20% verbrandt slecht: het sist, rookt overmatig en geeft weinig warmte af. Droog hout, met een vochtgehalte van 15 tot 20%, verbrandt volledig en geeft de meeste warmte. Een vochtmeter koop je voor een paar euro bij de bouwmarkt en geeft je meteen uitsluitsel.

Hout dat je zelf split en opslaat, heeft doorgaans één tot twee jaar nodig om voldoende droog te worden. Bewaar het op een droge, goed geventileerde plek, bij voorkeur onder een afdak maar niet tegen een muur. Zakken met gedroogd hout uit de winkel zijn handig, maar controleer altijd even het vochtgehalte: de kwaliteit wisselt sterk per leverancier.

Stap voor stap een houtkachel aansteken

Een veelgemaakte fout is het vuur van onderaf aansteken met grote blokken hout. Dat werkt minder goed dan de zogeheten topdown-methode, waarbij je het vuur bovenin begint en het langzaam naar beneden laat branden. Dit geeft meer trek, minder rook en een stabielere vlam.

  • Leg twee of drie grotere houtblokken naast elkaar onderin de kachel.
  • Stapel daarop een laag kleinere blokjes, dwars op de onderste laag.
  • Leg bovenop een handje aanmaakhout of droge spaanders.
  • Leg als laatste een of twee aanmaakblokjes helemaal bovenop.
  • Steek de aanmaakblokjes aan en laat het vuur van boven naar beneden doorbranden.
  • Laat de luchttoevoer in het begin volledig open staan.

Als de kachel eenmaal goed heet is, wat bij een moderne gesloten kachel meestal twintig tot dertig minuten duurt, kun je de luchtregeling iets sluiten. Een te gesloten luchtschuif bij een koude kachel is een klassieke fout: de vlam smoort, het hout smeult en er ontstaat veel meer rook en roet in de schoorsteenpijp.

Houtkachel stoken en luchtkwaliteit: check de stookwijzer

Stoken is niet altijd verstandig, ook al heb je droog hout en een goede kachel. Bij windstil, mistig of helder koud weer stapelt rook zich op in de buitenlucht. Dat raakt mensen met astma, longziekten of hart- en vaataandoeningen. Het RIVM biedt hiervoor de Stookwijzer aan, te vinden op rivm.nl. Die tool geeft op postcodeniveau (vier cijfers) dagelijks advies over of het verstandig is om je kachel, open haard, tuinkachel, vuurkorf of barbecue aan te steken. Handig om even te checken voordat je een groot vuur aansteekt in de tuin of binnenshuis.

Op een dag met code oranje of rood in de Stookwijzer kun je beter niet stoken. Niet alleen voor je buren, maar ook voor jezelf: fijnstof trekt mee naar binnen via kieren en ventilatie.

Wat je niet in een houtkachel gooit

Een houtkachel is geen verbrandingsoven. Hout met verf, lak of verduurzamingsmiddelen geeft giftige gassen vrij bij verbranding. Hetzelfde geldt voor multiplex, MDF, spaanplaat en geïmpregneerd hout. Gooi ook geen vochtig afval, plastic, karton of krantenpapier in grote hoeveelheden op het vuur: dat zorgt voor smeulende verbranding, veel rook en snelle vervuiling van de schoorsteenpijp. Gebruik alleen onbehandeld, droog hout of speciaal aanmaakmateriaal.

Onderhoud: roet en teer voorkomen

Slecht stoken leidt tot roetaanslag en teervorming in de schoorsteenpijp. Dat vergroot het risico op een schoorsteenbrand. Laat de schoorsteen minimaal één keer per jaar vegen door een erkend schoorsteenveger, of vaker als je veel stookt. Hoe schoner je stookt, met droog hout en een goede vlam, hoe minder roet er ophoopt en hoe langer je de kachel en de pijp spaart.

Een goed brandende houtkachel heeft een heldere, actieve vlam. Zie je een trage, rokende vlam of slaat er rook terug de kamer in, dan klopt er iets niet: de schoorsteen trekt te weinig, het hout is te nat, of de kachel is nog niet warm genoeg. Controleer eerst de luchttoevoer en wacht tot de kachel op temperatuur is. Pas daarna stuur je bij.

You may also like